In human being

Eten uit plantsoen, park en sloot – leer wildplukken met De eetbare stad

Cover De eetbare stad

Voor wie het ontgaan is: wildplukken is in hoog tempo aan een come back bezig. Waren onze laaglandse verre voorouders nog experts in het vinden van groente en fruit in de wilde natuur, anno 2017 heeft alleen een kleine groep liefhebbers en fanatiekelingen die kennis nog. Niet zo vreemd, wildplukken was vóór de landbouwrevolutie noodzaak, tegenwoordig hebben we een markt, supermarkt of moestuin om de hoek.

Hoewel we onze maag niet meer al verzamelend hoeven te vullen, onze ingebakken nieuwsgierigheid willen we wél graag bevredigen. Daar komt bij het verlangen naar een ongecompliceerder leven en de behoefte aan onbewerkt eten, en de populariteit van wildplukken is een logische ontwikkeling. Het is bovendien ook gewoon léuk om thuis te zijn in het wilde assortiment. Alleen al omdat dat meer variatie op je bord oplevert; veel van wat je in het wild aan eetbaars vindt, is in de supermarkt niet eens te krijgen.

Wel de lusten

Door wild te plukken eet je automatisch met de seizoenen mee en van de koude grond. En je kunt genieten van de lusten, terwijl de lasten aan je voorbij gaan; weekenden spitten, mesten, zaaien, planten, bewateren en wieden hoeft een wildplukker allemaal niet. Alleen tijd nemen om zich te verdiepen in wat eetbaar is, ter meerdere glorie van veiligheid en welzijn.

De eetbare stad

Hoe maak je je die kennis handig eigen? Meegaan met een ervaren wildplukker leert het snelst. Dan zie, voel, ruik en proef je alles meteen en weet je waar je zoeken moet. Maar er zijn ook leuke boeken over wildplukken te koop, ze tieren welig zelfs. Die kun je dan gebruiken ter aanmoediging en voorbereiding.

De eetbare stad is er zo een, vers van de pers. De auteurs zijn wildplukker en jager Ellen Mookhoek en stadsecologen Geert Timmermans en Anneke Blokker. Ze laten zien dat je voor wilde groente en fruit helemaal niet in het buitengebied hoeft te wonen. In parken, plantsoenen, grachten en sloten is al van alles te vinden. Dat maakt het wildplukken meteen aantrekkelijk voor de hunkerende stadsbewoner. Voor elk hoofdingrediënt wordt meteen een simpel recept vermeld, om een begin te maken met deze andere manier van eten. Wat het boek behalve deze stadse invalshoek nog meer doet opvallen, is dat het niet bij groente en fruit blijft. Vleeseters komen er ook aan hun trekken.

‘Daar is dit boek onder andere voor bedoeld. Om die oermens in ons te prikkelen. Om ons naar buiten te lokken, de stadsnatuur in. Of het nu een park om de hoek is of een ruig terrein aan de rand van de stad. Om je te laten verwonderen door de schoonheid ervan. Hoe vaker je namelijk bezig bent met wildplukken – al is het maar voor het bereiden van je eigengemaakte kruidenboter – hoe meer je je bewust wordt van de schoonheid van de natuur.’ – De eetbare stad

Weet hoe je eet

Je inlezen voordat je op pad gaat is sowieso belangrijk, want er zijn regels en wetten waar een wildplukker zich aan dient te houden; de natuur mag er geen schade van ondervinden. Zo mag je niet plukken in gebieden waar je niet mag komen. Logisch. Op zulke plekken leven vaak kwetsbare dieren die snel verstoord raken door aanwezigheid van mensen. Breek ook geen takken af van een boom om bij die ene appel te komen, geven de auteurs als voorbeeld van ruwe gretigheid.

‘Als je er niet bij kan, dan is het simpelweg niet voor jou bestemd, dus blijf eraf!’

Wat je wildplukt mag je vervolgens alleen gebruiken voor eigen consumptie, dus niet voor verkoop. Een handeltje met je verse waren beginnen zit er dus niet in. En voor vissen en jagen zijn vergunningen nodig. Ook deze waarschuwing van de auteurs is er een om te onthouden. ‘Al zal er geen boswachter of agent naar kraaien als je volgens de regels je kostje bij elkaar hebt geplukt, letterlijk genomen ben je schuldig aan stroperij wanneer je jezelf zonder toestemming van de grondeigenaar organisch materiaal zoals planten en padenstoelen toe-eigent.’

Eten in de lente en vroege zomer (dat is nu!)

Iepzaad en iepblad

Wat valt er dan zoal te plukken in de stad? Per seizoen is daarvan een handig overzicht gegeven. Afhankelijk van welke seizoensindeling je hanteert, is het op dit moment (eind mei) eind lente of begin zomer.

IepzaadIn ieder geval kun je in deze periode iepzaad en het jonge iepblad eens proberen. Je eet iepzaad met vlies en al als ze groen zijn of al bruin – al kun je ze eenmaal bruin ook ontdoen van het vliesje en alleen de zaadjes eten. Pluk iepzaad dat nog aan de bomen hangt en niet op de grond heeft gelegen, er is genoeg. Enne, let na het eten eens op hoe je je voelt… de zaadjes schijnen een afrodiserende werking te hebben.

 

Melganzenvoet, uitstaande melde en spiesmelde

Ook te plukken in de lente zijn melganzenvoet, uitstaande melde en spiesmelde. Die behoren tot de amarantenfamilie (bekend van quinoa en gierst). ‘De jonge bladeren van deze eenjarige planten zijn eetbaar en hun zaden werden in de prehistorie al geoogst om meel van te maken voor het bakken van brood.’ De bladeren smaken spinazieachtig.

Zevenblad en hondsdrafHondsdraf is ook bijna overal te vinden. ‘Dat was in de Romeinse tijd al zo. Romeinen zagen de plant, zo beweerden ze, overal waar ooit een hond had gelopen.’ De smaak doet denken aan een mengsel van munt, tijm en oregano. Sterk kruidig dus. Andere bladgroente van het voorjaar of de vroege zomer zijn zevenblad (voor tuinbezitters vaak ‘onkruid’), wilde rucola, zuring, klaverzuring.

 

Kaasjeskruid
De kaasjeskruidfamilie

Van stokroos, kaasjeskruid en lindeboom (allemaal uit dezelfde kaasjeskruidfamilie) kun je de bloemen en jonge, zachte bladeren eten, bijvoorbeeld in een zomerse stamppot.

 

Eetbare bloemen

Eetbare voorjaarsbloemen
Veel voorjaarsbloemen zijn ook eetbaar, al is het idee misschien wennen. De gele bloemen van het klein hoefblad bijvoorbeeld (lichte artisjoksmaak), het maarts viooltje, de bloemen van de daslook, vlierbloesem, mosterdbloemen (wasabi-achtige smaak) en pinksterbloemen. De bloesem van vogelkers, appel, en sleedoorn is te gebruiken voor het maken voor siropen en thee. Omdat in het vroege voorjaar insecten ook van de eerste nectar willen eten, adviseren de auteurs de bloemen met mate te plukken en alleen als er veel staan.

Verder lezen

Voel je na het lezen van dit boek de behoefte om je kennis over wildplukken te verdiepen, dan staat achterin een lijstje literatuur en inspiratie. Ook vind je er adressen waar wildgevangen vis, schaal- en schelpdieren, gevogelte en wild te koop is.

Meteen installeren: de Gifwijzer-app

De Gifwijzer-app bevat 183 stoffen en planten die giftig zijn, met een indicatie van giftigheid en een advies wat je moet doen in het geval dat je per ongeluk toch een giftige plant hebt gegeten.

Liever eerst met een gids op pad?

Ellen Mookhoek begeleidt wildplukwandelingen en geeft workshops in en rond Amsterdam, surf naar debredemoestuin.nl voor de data.

De eetbare stad. Gids voor wildplukkers
Ellen Mookhoek, Geert Timmermans, Anneke Blokker
Uitgeverij Bas Lubberhuizen, 2017

explore more